Bel 033 4602302 of mail naar info@beslagrecht.nl

Word abonnee

Een beslag onder een bank is een veel toegepaste vorm van derdenbeslag. Een schuldenaar heeft in de regel één of meer rekeningen bij een bank.

Saldo en verrekening

Is het saldo op een bankrekening positief, dan heeft de schuldenaar een vordering op de bank en heeft het beslag resultaat. Is het saldo negatief, dan heeft het leggen van een beslag onder de bank geen zin. De bank heeft dan zelf immers zelf een vordering op de schuldenaar.

De bank heeft overigens volgens art. 25 van de Algemene Bankvoorwaarden een mogelijkheid tot verrekening van een positief saldo met eigen vorderingen, bijvoorbeeld vanwege een verleend krediet.

Gegevens

Het is raadzaam om in een verzoekschrift tot het leggen van conservatoir derdenbeslag onder een bank de volgende gegevens te vermelden:

  • det/de bankrekeningnummer(s) van de schuldenaar. In het verzoekschrift kan het zo worden geformuleerd: 'de bank heeft gelden van de gerequestreerde onder zich, onder andere op maar niet beperkt tot bankrekeningnummer ...' Op deze wijze wordt voorkomen dat de bank slechts op één rekeningnummer zoekt
  • de geboortedatum van de schuldenaar.
  • het adres en de postcode van de schuldenaar
  • det eventueel vroegere adres van de schuldenaar
Multibankbeslag

Volgens de beslagsyllabus is het mogelijk om tegelijkertijd onder verschillende banken derdenbeslag te leggen zonder dat daarbij rekeningnummers van de schuldenaar worden vermeld. Bij de beoordeling van een gevraagd verlof tot een dergelijk beslag zal wel de vraag aan de orde moeten komen of het beslag proportioneel is. Bij een door de crediteur gestelde vordering met een beperkt belang zou de voorzieningenrechter in het kader van proportionaliteit kunnen bepalen dat het beslag maar onder een beperkt aantal van de opgegeven banken mag worden gelegd.

  • Hof Amsterdam 28-07-2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:3081
    De vraag is of de deurwaarders (gelijktijdig) beslag onder verschillende banken mochten leggen zonder dat zij een gerechtvaardigd vermoeden hadden dat klager bij die banken een rekening aanhield. Ook is de vraag of het gerechtvaardigd is om ter inning van één vordering meerdere (bank)beslagen te leggen. Uitgangspunt is dat een dergelijke handelwijze tuchtrechtelijk niet is toegestaan. Dit oordeel berust op het navolgende. Een gerechtsdeurwaarder zal in beginsel alleen beslag mogen leggen als hij het redelijke vermoeden heeft dat het beslag doel zal treffen. Anders worden immers, in strijd met art. 10 van de Verordening, onnodige kosten gemaakt. Ook is niet bij iedere willekeurige debiteur het vermoeden gerechtvaardigd dat deze bij enige bank over een voor beslaglegging vatbaar tegoed beschikt. Voorts worden banken, wanneer bankbeslag wordt gelegd zonder een redelijk vermoeden van rekeninghouderschap, ten onrechte met werkzaamheden belast. Bovendien kunnen die banken dan kennis nemen van informatie die hun niet aangaat betreffende de niet nagekomen verbintenis waarvoor de debiteur tot betaling is veroordeeld. Het is niet ondenkbaar dat die informatie wordt verzameld en nadien in het nadeel van de debiteur wordt gebruikt. Ten slotte kan het leggen van meer bankbeslagen ertoe leiden dat een debiteur die rekeningen aanhoudt bij meer dan een bank naast de explootkosten ook nog wordt geconfronteerd met de kosten die elke bank in rekening brengt. Bijzondere omstandigheden kunnen in een concreet geval met zich brengen dat het leggen van een of meer bankbeslagen zonder dat een gerechtvaardigd vermoeden bestaat dat de debiteur bij die banken een rekening aanhoudt, niettemin toelaatbaar is, als wordt voldaan aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit.
  • Hof Amsterdam 09-09-2014, ECLI:NL:GHAMS:2014:3735
    Het valt de gerechtsdeurwaarders te verwijten dat zij structureel en in een dermate groot aantal dossiers direct bij aanvang van de executie, vrijwel gelijktijdig, telkens onder twee banken beslag hebben gelegd. Dat de gerechtsdeurwaarders voorafgaand aan het leggen van het beslag contact hebben gehad met diverse banken die aan hen informatie over debiteuren verschaften, wat hiervan verder ook zij, doet hieraan niet af. De gerechtsdeurwaarders hebben in dit verband namelijk ter zitting in hoger beroep verklaard dat deze beslagen veelal geen doel troffen en meer exploten en beslagen moesten worden tegengeboekt en zij om die reden deze werkwijze hebben gewijzigd.

Bij een derdenbeslag onder een bank kan het de vraag zijn wat al dan niet onder het beslag valt - de beslagomvang - en wat de gevolgen van het beslag voor de rekeninghouder zijn.

  • HR 15-06-2012, ECLI:NL:HR:2012:BW1726 (De Kerseboom/Ontvanger)
    De beantwoording van de vraag of een derdebeslagene, ondanks de blokkering van haar rekening, op enig moment de beschikking over een geldbedrag heeft verkregen, hangt af van wat tussen de derdebeslagene en de bank gold in verband met de blokkering en de boeking van het geldbedrag op de verschillenrekening. Dat creditering van het geldbedrag op de rekening van de derdebeslagene is uitgebleven staat er niet aan in de weg dat deze de macht over de gelden kon uitoefenen.
  • HR 26-01-2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ0614 (Ontvanger/Kerseboom)
    De verhouding tussen de beslagdebiteur en de bank als giro-instelling is verbintenisrechtelijk van aard. De vraag of de beslagdebiteur een vordering op de derdebeslagene had, moet vanuit het verbintenissenrecht worden beoordeeld.
  • Hof Den Bosch 29-03-2005, ECLI:NL:GHSHE:2005:AT2758
    Een conservatoir beslag onder een bank omvat ook bedragen op tussenrekeningen. De bedragen zijn immers traceerbaar.
  • HR 03-12-2004, ECLI:NL:HR:2004:AR1943 (Mendel q.q./ABN AMRO)
    Bij automatische incasso heeft een creditering slechts de betekenis van een betaling onder de opschortende voorwaarde dat de termijn is verlopen zonder dat van de bevoegdheid tot terugboeking gebruik is gemaakt. Wordt van de bevoegdheid tot terugboeking gebruik gemaakt, betekent dat definitief komt vast te staan dat geen betaling plaatsvindt, en leidt dan ook niet tot een verbintenis van de incasserende bank of de crediteur een betaling ongedaan te maken door een betaald bedrag terug te betalen.